Wie de soorten zonnepanelen wil vergelijken, botst al snel op een woordenbrij van afkortingen: mono, PERC, TOPCon, bifaciaal, glas-glas, full black. Het goede nieuws: de markt is de voorbije jaren sterk uitgeklaard. Polykristallijne panelen, herkenbaar aan hun blauwe schijn, zijn vrijwel volledig van de markt verdwenen; zowat elk paneel dat je vandaag koopt is monokristallijn. De echte keuzes gaan over de opbouw van het paneel, de celtechnologie en het vermogen per paneel. En voor wie een bestaande installatie heeft: die kennis is minstens zo nuttig bij een herstelling of deelvervanging als bij nieuwbouw.
Monokristallijn is de norm, de celtechnologie evolueert
Monokristallijne cellen worden gesneden uit één siliciumkristal en halen daardoor het hoogste rendement. Binnen die familie verschuift de technologie gestaag:
- PERC: jarenlang de standaard, met een extra reflectielaag aan de achterkant van de cel. Nog steeds prima panelen, maar in nieuwe productlijnen op de terugweg.
- TOPCon: de huidige mainstream, met een iets hoger rendement en minder degradatie bij warmte.
- Heterojunctie (HJT) en back-contact: premium technologieën met de hoogste rendementen en de mooiste temperatuurcoëfficiënten, tegen een meerprijs.
Voor de meeste daken is het rendementsverschil tussen deze klassen kleiner dan de impact van oriëntatie of schaduw. Laat de celtechnologie dus nooit het enige verkoopargument zijn.
Glas-glas of glas-folie: de opbouw doet ertoe
Belangrijker dan de cel is wat errond zit. Klassieke panelen hebben een glasplaat vooraan en een kunststoffolie achteraan (glas-folie of glas-backsheet). Bij glas-glaspanelen zit er aan beide kanten glas. Dat maakt het paneel iets zwaarder, maar de cellen zitten beter beschermd tegen vocht en mechanische spanning. Het resultaat zie je in de garanties: fabrikanten geven op glas-glas doorgaans langere product- en vermogensgaranties, vaak tot 30 jaar. Wie leest over de levensduur van zonnepanelen, begrijpt waarom dat verschil op lange termijn zwaarder weegt dan een half procent rendement.
Glas-glaspanelen zijn vaak ook bifaciaal: ze vangen licht langs beide zijden. Op een hellend woningdak met weinig ruimte onder de panelen is die meeropbrengst bescheiden; op platte daken met reflecterende dakbedekking of bij carports kan ze de moeite zijn.
Vermogensklassen: van 250 naar 450 wattpiek en verder
Het vermogen per paneel is de voorbije tien jaar spectaculair gestegen. Installaties uit 2012 werken vaak met panelen van 240 tot 260 wattpiek; vandaag is 420 tot 450 wattpiek de gangbare klasse voor woningdaken, in hetzelfde formaat van pakweg 1,7 op 1,1 meter. Grotere panelen van 500 wattpiek en meer bestaan, maar zijn vooral op grote platte daken en industriële projecten aan de orde. Voor jou betekent dit twee dingen. Ten eerste: wie berekent hoeveel zonnepanelen hij nodig heeft, heeft er vandaag veel minder nodig dan tien jaar geleden. Ten tweede: een oud paneel vervangen door een identiek exemplaar is vaak onmogelijk, want die vermogensklasse wordt niet meer gemaakt.
Vuistregel: vergelijk panelen niet op merknaam maar op vier cijfers: vermogensgarantie na 25 of 30 jaar, productgarantie, temperatuurcoëfficiënt en prijs per wattpiek. De rest is marketing.
Wat betekent dit voor je bestaande installatie?
Hier spreken we uit ervaring, want dit is ons terrein: Wattra plaatst geen nieuwe zonnepaneleninstallaties, wij herstellen en vervangen bij bestaande, van elk merk. Sneuvelt er één paneel in een oudere installatie, dan mag je er niet zomaar een moderner, krachtiger paneel tussen hangen: binnen één string horen de elektrische kenmerken bij elkaar te passen. Soms vinden we een compatibel restpaneel, soms is het slimmer de string te herschikken of het defecte paneel buiten dienst te stellen, en heel soms is het eerlijke advies dat de investering beter naar een nieuwe omvormer gaat dan naar één paneel. Afgedankte exemplaren voeren we correct af via de kanalen voor zonnepanelenrecyclage. Zo blijft je installatie renderen zonder dat je betaalt voor meer dan nodig.